donderdag 15 september 2011

Gezelligheid kent geen tijd....


Vandaag (die broeierige zaterdag) gaan we voor het ijsvogeltje - ja! ook wij...! Ik schroef daartoe wat extra millimeters op de camera en stap in alle vroegte op de trein richting Lepelaarplassen. Nou ligt de gemiddelde leeftijd van ons fotogezelschap vrij laag, zodat 'vroeg' hier een iets ander tijdstip is dan het 'vroeg' in 50+-kringen. En dus is de hut al aardig gevuld als wij arriveren.

Hoewel ik later op een site lees dat het 'gezellig' was in de hut, is dit niet echt mijn idee van gezelligheid. Dresscode "Camouflage"; Objectiefcode "Minimaal 500 mm". We lijken aan geen van beide eisen te voldoen.

We schuiven aan bij het kennelijk minst geliefde deel van de hut, daar waar je uitkijkt over het riet in plaats van over de plas. Wie het eerst komt, wie het eerst maalt ..... uiteraard!

Zit je dan..... de kijkvensters zijn duidelijk niet berekend op mijn 1 meter 60. Met de camera nonchalant op de rand van het kijkvenster, in navolging van de andere aanwezigen,  zie ik enkel lucht - nou is dat bij vogels spotten misschien wel wenselijk, maar toch. Ik probeer wat te balanceren op de ijzeren rand. Ik probeer op de knieën op de houten bank te zitten. Beide houdingen leveren niet echt bewegingsloze foto's op.
Ik zet een eendje met rode oogjes op de foto, 


en een eendje met zwarte oogjes,



en een eendje met - pakweg - gele oogjes,


een fuut die druk is met het ontbijt ... Ik overweeg nog even om te gaan voor fuut MET ontbijt. (lees achteraf dat dat zóóóó gemakkelijk was..... want hij was zóóó dichtbij en er was zóóóveel vis....  :(  )


Ik zet het kleine, gevorkte takje voor ons venster op de foto, vanwege de juiste belichting voor straks als het ijsvogeltje daar gaat zitten - ik ben een optimist in die dingen - of anders wel omdat er mooie, gele korstmossen op zitten.

Na verloop van niet al te veel tijd dwalen mijn ogen en mijn gedachten af naar de omringende rietlanden. Wat zou daar allemaal groeien? Hoeveel planten had ik al kunnen vinden?  Zonde eigenlijk van zo'n mooie morgen dat je een beetje in zo'n donkere hut zit te koekeloeren naar de eendjes.
Dat is toch wel een verschil met de bloemetjesfotografie eigenlijk. Zoekend naar plantjes zou ik al een kilometertje of wat afgelegd hebben, als vogelspotter zit je troosteloos te wachten in een naargeestige hut voor een tochtig kijkgat of er misschien toevallig, per ongeluk, iets bijzonders langskomt . En komt er dan wat langs, dan zet je, zo te horen om mij heen, je camera in de repeteerstand en schiet je een honderdtal foto's in de hoop dat er een uniek plaatje bij zit.

Lastig te fotograferen: de in het zonlicht glanzende, rode pluim van het riet
Dan word ik uit mijn overpeinzingen opgeschrikt door een getwiet, geen mobiel getwiet, maar een echt getwiet, van een vogeltje. Het klinkt niet als de twiet van de mezen of de merels in mijn tuin en dus werp ik een blik over de rand van het kijkvenster.

Het ijsvogeltje!  En het neemt - geheel tegen de heersende hiërarchie in - plaats op het kleine, gevorkte takje, ONS kleine, gevorkte takje. Ik ben zo verbouwereerd dat ik vergeet om te klikken. En als ik begin te klikken, vergeet ik dat ik de optimale belichting voor het takje al had ingesteld en draai iets te enthousiast aan de knopjes. Maakt niet uit, het is een beeldschoon vogeltje!


In de hut is het getwiet inmiddels niet onopgemerkt gebleven en wilde paniek en hysterie barsten los. De teletoeters worden uit de vensters gesjord en het hele leger stort zich boven op ons, teneinde het vogeltje in beeld te krijgen.

Belangstellend draait het ijsvogeltje zijn koppie naar al dat tumult en exact op het moment dat het leger de toeters in stelling heeft gebracht en wil starten met vuren, vliegt het weg!



"U heeft 'm wel??!!", vraagt een teleurgestelde vrouw aan de eigenaar van de kleine (in panieksituaties o zo handige) compactcamera. Het legertje druipt af en wij kijken elkaar aan, pretlichtjes in de ogen. "Zullen we maar gaan?" Eenmaal buiten haal ik opgelucht adem, niet mijn ding, geloof ik, die 'gezelligheid' in de vogelkijkhut!

Reuzenbalsemien, een leuke plant die nu volop bloeit en verrassend mooi is bij nader beschouwing
Naschrift: natuurlijk moet je niet 's avonds op sites als Birdpix gaan kijken: geduld en dure apparatuur lonen kennelijk wel! 
Toch voel ik liever de zon (of regen) op mijn gezicht, lig ik liever languit in het gras en denk na hoe in één keer de goede foto te schieten, dan dat ik urenlang opgesloten zit achter een met spinnenwebben bedekt venstertje, starend naar het grijze water, om vervolgens een salvo af te schieten op wat er langskomt en dan thuis honderden foto's te moeten selecteren om te zien of die ene, unieke prent er tussen zit. Statistisch gezien namelijk altijd wel. 

Reukloze kamille op de trap naar de kijkhut langs de dijk 
Maar ere, wie ere toekomt.... mijn foto's verbleken bij de foto's op Birdpix, maar zij hebben wel de Reuzenbalsemien en de Reukloze kamille gemist! 


donderdag 8 september 2011

Zeldzame plantjes....

voor de echte AWD-er: hier ergens staat de Moeraswolfsklauw
Als bloemetjesfotograaf hink je altijd een beetje op twee gedachten: enerzijds wil je de mooie foto met het wazige achtergrondje, anderzijds wil je alle details hebben om juist te kunnen determineren.
Bij de vondst van een zeldzaam exemplaar gaat het dan ook geheid fout, alsof mijn denken enigszins beneveld raakt en er een strijd losbarst tussen 'sprietloos' en 'zoveel mogelijk spriet'.
Weliswaar heb je bij plantjes natuurlijk alle tijd van de wereld om welk beeld dan ook te maken, immers, plantjes vliegen niet en vluchten niet, maar zo werkt het dan kennelijk toch niet.

Zo was er de vreugde over de Moeraswolfsklauw, een moerasplant uit de oertijd. Weliswaar is de Moeraswolfsklauw al langsgekomen op andere blogs (in beeldschone compositie met geordende sprieten), maar een dergelijke plant in de AWD vinden is toch wat anders dan dezelfde plant in erkende moerassen.

Het is niet eens zozeer de schoonheid van de plant, maar meer dat wat het impliceert: een heel scala aan planten (mossen!) die er ook zouden kunnen staan, misschien zelfs wel de zonnedauw.
Overigens wordt de Moeraswolfsklauw in de AWD beschermd door een legertje zeer agressieve mieren, dat was wel minder......

Stukje 'Dinosaurus-natuur'
Nu ik zo naar de foto kijk, bedenk ik dat zelfs zonder overenthousiast brein het lastig geweest zou zijn om de kruipende stengel van de plant met de rechtopstaande zijtakken - waarvan sommige onvruchtbaar zijn en andere aan de voet van elk blaadje een sporendoosje hebben, welke blaadjes samen dan een soort aar vormen aan de top van de betreffende stengel - in al haar details in beeld te brengen; dan had er toch heel wat bies en zegge en mos en onkruidblad verwijderd moeten worden. Mezelf kennende had ik bij een dergelijke schoonmaakactie ongetwijfeld in een ongecontroleerd moment de hele moeraswolfsklauw mee verwijderd. En er stond maar 1 plantje.....! Ook het mierenleger nodigde niet direct uit tot enige actie op de grond.

Nou ja, zo ziet de Moeraswolfsklauw er dus uit in de vrije, niet gecompositioneerde  natuur.... toch wel leuk om te zien hoe de stengel zich een weg baant over de overvolle bodem.

Het leuke van sporenplanten als de wolfsklauwen, heermoes en varens vind ik het idee dat ze in de oertijd zo hoog als bomen waren en hele moerasbossen vormden - dus wat je hier ziet is eigenlijk een stukje natuur waar dinosaurussen doorheen wandelden.

Driedistel
Zeldzaam en bloeiend in augustus/september is de Driedistel. Hoewel zeldzaam?  In de Kennemerduinen kom je de plant best wel veel tegen. Leuker is het dan om er ook eentje te vinden op het Vinkenveld, verdwaald tussen de kruipwilg.
Driedistel met gesloten omwindselblaadjes
De Driedistel werd vroeger veel aan deurposten gehangen als decoratieve weervoorspeller: de binnenste, geelwitte omwindselbladen sluiten zich bij vochtig weer, bij droog weer staan ze wijd uit. Als de plant afsterft, blijft ze nog lange tijd rechtovereind staan en de omwindselbladen blijven zich ook dan nog openen en sluiten al naargelang het weer.

De Driedistel voorspelt 'droog weer'
Dus toen ik dit exemplaar tegenkwam dacht ik 'ik kan gerust zonder plu en zonder regenjas nog wel een stuk verder wandelen'. De dreigende wolkenluchten vanaf zee gaven een heel ander advies. Voortaan toch maar op de wolkenluchten vertrouwen!

Na deze zeldzame planten nog een paar algemene planten die je nu veel tegenkomt.

Met name langs de schelpenpaden zie je dit mooie rode bloempje met zijn borstelige wit-paarse hartje: rood guichelheil.
rood guichelheil
rood guichelheil
Een heel klein, lichtblauw bloempje verscholen in een grote tuil van stekelige bladeren: kromhals. Opmerkelijk is de gebogen kroonbuis (kromme hals) waar de plant ook haar naam aan te danken heeft.
Kromhals
Ook diverse hennepnetelsoorten en de witte dovenetel bloeien op dit moment. Een beetje onbeschaamd vind ik ze altijd, de lipbloemigen met hun opengesperde kelen en lokkend honingmerk op de onderlip!
gewone hennepnetel
gespleten hennepnetel (vanwege de gespleten onderlip)
De dovenetel onderscheidt van de hennepnetel door de aanwezigheid van een smal, draadvormig slipje of tandje aan weerszijden tussen onder- en bovenlip. De hennepnetel heeft daar een hol knobbeltje. Met wat fantasie kun je het wel ontwaren.... !
witte dovenetel
Een schattig plantje, en ondanks de begeleidende spriet, een heel algemeen onkruid en giftig: de zwarte nachtschade
zwarte nachtschade

En, om nog even verder te gaan met de Gele Composieten, de kleine gele bloemetjes, op dunne, vertakte steeltjes omgeven door heel veel kleine, paardenbloemachtige rozetblaadjes zijn het Klein Streepzaad. Het meest opvallende kenmerk van dit plantje zijn de frivole slipjes aan de stengelblaadjes.

Frivole slipjes omvatten de bloemstengel van het Klein Streepzaad
Net zoals iedereen wacht ik op mooi weer (en windstilte), om terug te keren naar het moeras, want behalve de Moeraswolfsklauw, staan er ook heel veel biessoorten en zegges, ook zo'n door fotografen volkomen verwaarloosde plantengroep!

donderdag 1 september 2011

De AWD-heide



Een historisch landschap, ook dat vind je in de AWD, nl. 't Heitje vlakbij de Ruigenhoek. 
Omdat er in dit gebied geen verstuiving heeft plaatsgevonden zijn er geen nieuwe duinen gevormd op de oude strandwal. Door het vele regenwater eeuwenlang is de bodem ontkalkt en zo werd een voorwaarde geschapen voor de vestiging van struikheide. Tot in de negentiende eeuw vormden de heidevelden in de Duin- en Bollenstreek een uitgebreid gebied, maar door afgraving ten behoeve van de bollenvelden en zandwinning voor de bouw is een groot gedeelte van de oude heide verdwenen. Alleen in het meest zuidelijke hoekje van de AWD is de oude heide bewaard gebleven. Door in dit gebied schapen te laten grazen wordt voorkomen dat de heide vergrast. 

Hoe natter de zomer, hoe uitbundiger de heide bloeit............ 


Tussen de struikheide kom je allerlei planten tegen, samen vormen ze vaak betoverend mooie kleurcombinaties, heel mooi vind ik het zachtgroen van het Vals rendiermos, 


het heldergroen en bruin van het mostapijt met o.a. Echt zandhaarmos,


het bleekgeel van het vlasleeuwenbekje,


het grijsroze van het Hazenpootje,


en het vrolijk geel van de Muizenoor, (heel veel Muizenoor).


En leuke plaatjes leveren ook de kleine paddestoeltjes, waarvan ik de naam helaas schuldig moet blijven (geheel tegen mijn principes in, maar ik ga vandaag een paddestoelengids kopen! )






En deze past natuurlijk helemaal niet in de serie, want hij/zij schoot door de Schapenzuring die vanaf ingang De Zilk vóór het heideveld hele velden roodbruin kleurt. 
Maar hoe vaak overkomt het je nou dat je een diertje volgt en dat het dan op enig moment besluit nieuwsgierig richting lens te wandelen!

Een zandhagedisje, schat ik in met mijn beperkte kennis van de reptielenwereld.
De AWD-heide: een aanrader voor komend weekend!